Als een reis

—Max Meier

Het mooiste museum van Nederland. Nog niet zo lang doen ze er ook aan moderne en soms zelfs actuele kunst. Daarom mag het voor één keertje in Tubelight. Een beetje keurig allemaal, maar dat past ook bij een eerbiedwaardig instituut dat meer dan 200 jaar oud is. Bovendien wonen er in de omgeving heel veel heel keurige mensen. Maar dat geeft nu even niet. Een bezoek aan Teylers Museum te Haarlem is altijd weer een genot. Grote zware deuren in een classicistische gevel aan het Spaarne. De ongenaakbaarheid van het gebouw wordt een beetje verlicht door het feit dat erboven de ingang fier een vlag wappert: ‘Museum' staat erop. Wat een vondst! Nederlandse musea, en vooral hun architecten hebben grote problemen met ingangspartijen. Het kenmerkende van zo'n instituut is dat het openbaar is. In letterlijke zin. Dat je er ‘in' kunt dus. Maar de museale bouwregisseurs hebben daar moeite mee. Dus zitten de meeste ingangs-partijen goed verstopt. Beetje pesten lijkt het wel. Beetje Rijksmuseum na-apen: rare kleine deurtjes. ‘Liever niet binnenkomen hoor' lijken die te zeggen. Enfin. Bij Teylers is er dus die vlag die de bezoeker in spé vrolijk toewappert. De deurmat met het opschrift ‘WELKOM' ontbreekt nog maar net. Eenmaal binnen is er dat wonder van een gebouw dat ogenschijnlijk 200 jaar onder het stof verborgen heeft gelegen en er zojuist onder vandaan is gepeld. Een vrolijk kijkende mevrouw achter een onmogelijk kassameubeltje, hannest in de ovale hal met museumjaarkaarten. Rechts is een piep-winkeltje met een scharrig assortiment aan boeken. Teylers Museum is een encyclopedisch museum, dus de uitbater van het winkeltje kan feitelijk alles in de kast zetten. Maar het is allemaal een beetje té rommelig: beetje weten-schapsgeschiedenis, beetje natuur-kunde, beetje prentkunst, en een heel klein beetje moderne kunst. Maar dat aanbod leek geïnspireerd op de lopende tentoonstelling van Max Beckman. De meegezeulde laptop kan in een van de kluisjes in het gangetje naar de WC. Het levert 3 gulden op! Da's het mooie van die kluisjes. Om de sleutel eruit te halen gooi je een gulden in het slot. Als je de sleutel voor vertrek er weer in stopt, spuugt het slot die gulden weer uit. En dat nu, verwachten vooral toeristen niet van die zuinige Hollander! De bus staat voor, ze moeten weg, de gulden blijft achter. Dus scharrel je met een beetje geluk één of twee koppen koffie bij elkaar. Altijd doen, kluisjes checken! Bij het Rembrandthuis is het helemaal fantastisch. Ooit leverde dat 7 guldens op, maar dit terzijde.

Dat Teylers geen suffig ingedut instituut is, blijkt meteen in de eerste zalen. De verstofte vitrines met botten, kaken, de mosasaurus en ander fossiele dooie beesten vormen een groot contrast met de alhier dienende suppoosten. Frisse types. Ze zijn allemaal gekleed in een kostuum van uiterst moderne snit. Hier is over nagedacht! De vloeren van het museum zijn van wisselende materialen: steen, hout, gietijzeren roosters. Dus klossen, bonken en kraken de frisse types dat het een aard heeft. Ze hebben er duidelijk lol in, in dat bewaken van die oude spullen. Hier pik je echt niet effe een brontosauriërknietje mee! Het mooiste van Teylers, naast de bibliotheek maar daar mogen deze zondag gewone stervelingen niet in, is de Ovale Zaal. Een kunstwerk op zich. Ik ga het hier niet verklappen. Erheen! Kijken! En heel stil worden van zoveel schoonheid! Overal afblijven ook trouwens, want dit mag nooit kapot! Er staat trouwens paraboolspiegels waarin je de geliefde aan de andere kant van de zaal ondeugende dingen kunt toefluisteren. Of anders een gedicht.

In de schilderijenzaal, waar je even figurant bent in een schilderij van Allebé, haalt de inmiddels krakende bewaakster bezoekers terug in de tijd. Er mag wel gekeken, maar niet gewezen worden! ‘Ik keek alleen' mompelde een Bloemendaalse mevrouw nog terug. Maar ik zag dat ze loog, want ze wees!

Teylers blijft verbazen. Want na die Ovale Zaal en die schilderijen is het eigenlijk wel genoeg. Maar neen. Er is genieuwbouwd. Ook hier. Mooi, verzorgd, warm. Een frisse koffiekamer met een klein maar verzorgd assortiment versnaperingen biedt gelegenheid tot een reflectief moment. Het meubilair is een beetje teveel van het goede. Sommige designers moeten gewoon minder hun best doen. Maar wie weet vinden onze achter-achterkleinkinderen het over 200 jaar prachtig. Er zijn ook toiletten op geurafstand, maar die zijn schoon, helder, en ruiken lekker naar WC-eend.

De tekeningen van Beckmann hangen in de eveneens nieuwe tentoonstellingszaal. In deze zaal komen de ambities van de Teylers conservatoren op het terrein van de moderne(re) beeldende kunst tot leven. Gebouwd als prentenkabinet, ‘n beetje nare gesloten doos, die wel vernuftig ontsloten is en de wegvluchtende bezoeker snel weer in het oude museumcircuit brengt. Want Beckman en het nieuwe zaaltje kunnen het toch niet winnen van de pracht van het oude gebouw, al doen ze hun best. En da's het mooie van Teylers, de getoonde kunst kan misschien teleurstellen, de koffie wat te slap zijn, de guldens verdwenen, allemaal niks erg! Want een bezoek aan Teylers Museum, dat is geen kunst kijken. Geen museumbezoek afleggen. Een bezoek aan Teylers is het maken van een reis!

Aantrekkelijkheid gebouw ****
Onthaal, ontvangst kassa *
Garderobe *
Houding overig personeel ***
Restaurant ****
Boekwinkel *
Toiletten ****
Onderhoud algemeen ***
Bereikbaarheid ***

Teylers Museum, Spaarne 16, Haarlem

TEKENINGEN VAN ARMANDO, t/m 28 november