‘If it doesn’t make you horny, it’s not art’

—Xandra de Jongh, Arjan Reinders

Tussen galeriehouder Rob Malasch van Serieuze Zaken en de pik van fotograaf Matthias Herrmann was het liefde op het eerste gezicht. Met als gevolg dat beide bold beauties te bewonderen zijn in Malasch’ showroom in de Amsterdamse Jordaan. Onder de titel Dream Days toont de Oostenrijkse kunstenaar foto’s van de galeriehouder, maar vooral van zijn eigen geslacht.

Een dergelijke preoccupatie met de eigen mannelijkheid is een beproefd recept binnen artistieke homokringen, maar hier wordt het toch weer als iets hips gepresenteerd. Herrmann is dan ook niet de minste in dit genre. Gedurende de jaren negentig heeft hij naam opgebouwd als schaamteloze exhibitionist, die de beschouwer genadeloos met zijn forse piemel om de oren slaat. Bekend is hij vooral van publicaties als Hotel 3/ Bondage, The Cum Pieces en een heus Cockbook. In de uitgave Textpieces 1996-1998 illustreert hij met zijn eigen lichaam op karakteristieke wijze soundbites uit de cultuurgeschiedenis. Deze zogenaamde Textpieces tonen de immer schaars geklede kunstenaar in verschillende poses, begeleid door een tekstbordje. Gehuld in lederen tanga en met vooruitgestoken pistool verluchtigt hij de uitspraak ‘If you don’t like oral sex, keep your mouth shut’ en het onthullende ‘Nobody knows I’m a lesbian’ wordt door hem verbeeld in rode badmuts en hoog opgesneden speedo. Onder het mom van ‘If it doesn’t make you horny, it’s not art’ staat de streng kijkende kunstenaar wijdbeens achter een televisietoestel, waarop net een anale seksscène aan de gang is.

In de tentoonstelling Dream Days borduurt der Matthias vrolijk verder op dergelijke tekstuele uitgangspunten. Ditmaal aan de hand van spreuken als ’90 % of succes is showing up’, waarvan de uitbeelding zich inmiddels laat raden. Verder vallen bonte kiekjes te bewonderen van Herrmanns lul tussen de deur, opwindende stillevens met bespoten fruit, een mijmerende Malasch met een sigaretje tussen de vingers en last but not least een acrobatische act die in de wetenschap bekend staat als autofellatio.

Dit laatste lenige staaltje zelfbevrediging doet denken aan lang vervlogen tijden, toen je in een galerie nog wel eens getrakteerd werd op een zich aftrekkende kunstenaar als Vito Acconci. Maar deze weemoedige gedachte duurt maar even. Naast deze associatie is het namelijk geenszins duidelijk in welke context het werk van Matthias Herrmann zo ongeveer geplaatst zou moeten worden. Hebben we hier te maken met een wat altmodische vorm van gender art of gewoonweg theatrale gekdoenerij? Voor een kritische parodie oogt het werk weer net iets te gründlich en zo lijkt het zoeken naar een zekere gelaagdheid geen serieuze optie. Hier geldt, om in ‘textpieces’ te blijven spreken, de dooddoener: what you see is what you get.

Waarmee de presentatie getuigt van een wel erg relaxte houding tegenover de zichzelf vaak o zo serieus nemende Amsterdamse galeriewereld. Niet voor niets adverteert Rob Malasch internationaal tegenwoordig onder de naam Gallery not so Serious Business. Als geen ander weet hij wat zelfspot is en lukt het hem om de ganse Amsterdamse homoscene te mobiliseren voor zijn opening. Wat ook weer geen enorme prestatie is als je zo’n pikgerichte kunstenaar als Matthias Herrmann de ruimte geeft zich ten volle te etaleren, iets waar Malasch zelf nog de meeste pret aan schijnt te beleven. Al met al is Dream Days leuk voor de geile gay, maar wat moet je er als horny hetero mee?

DREAM DAYS, Matthias Herrmann, tm 30 nov 2002

Galerie Serieuze Zaken, Elandstraat 90, Amsterdam, open di-za 12-18 eerste zo v/d maand 14-18