Brutalisme

Fred Balvert

Wat maakt het ruwe zo aantrekkelijk om naar te kijken. Dat vraag ik me af in MK Expositieruimte waar werken van Kees Franse (1924-1982) tentoongesteld zijn. Het materiaal onbewerkt laten, de ruwe oppervlakte en constructie laten zien, de verleiding het gladjes af te werken weerstaan: brutalisme. Is het omdat een schets de verbeelding van de kijker meer ruimte laat? Of komt het doordat de oorsprong, het moment van ontstaan, het overgaan van idee in materie onder teveel lagen verborgen kan raken?

Uit de houten appels, fruitreliëfs en lijsten van Franse – die vaak niets of alleen zichzelf omlijsten – spreekt na ruim vijfentwintig jaar nog steeds dat moment van ontstaan. Al zijn ze in die tijd verkleurd, verstoft en hier en daar beschadigd. Ze getuigen van een buitengewoon creatieve kunstenaar die er geen probleem mee heeft zijn techniek weg te geven en zich niet verliest in virtuositeit, maar zich beperkt ter wille van de esthetische ervaring. In de herhaling van zijn thema's raakt de persoon van de kunstenaar op de achtergrond en wordt de aandacht gevestigd op zijn beheersing van elementaire vormen en constructies.

Veel mensen kennen Kees Franse. Er is een toeloop van zowel generatiegenoten van de kunstenaar als een jonger publiek. Maar iedereen kent zijn houten appels; de ruwe vurenhouten versie in de hal van Schiphol en de gladdere teakhouten exemplaren aan de Rotterdamse Heemraadssingel, waarin de kunstenaar concessies heeft gedaan aan zijn opdrachtgever, maar die naar zijn eigen zin te gelikt waren. Nu ze wat verweerder raken zou hij ze misschien mooier vinden. Een heel gaaf werk van Franse, niet bedoeld voor de openbare ruimte, maar er toch terechtgekomen, passeer je overigens in de foyer van de Rotterdamse Schouwburg, vlak voor je de zaal ingaat.

Bij het verschijnen van het boek Kees Franse, een Rotterdamse kunstenaar door Marjolijn van Riemsdijk, laat MK een overzicht zien, bij elkaar gebracht uit de collecties van de weduwe van de kunstenaar en particulieren. De houten werken zijn aangevuld met grafiek en aquarellen. De litho's zijn prachtig. Ze passen door hun repeterende vormen, vergelijkbare inhoud en ruwe techniek goed bij de reliëfs. Meer dan het allegaartje van aquarellen verdienen ze het aan de muur tegenover de houten werken te hangen.

Het is sympathiek om in de tentoonstelling meer kanten van de kunstenaar te laten zien. Maar van de aquarellen vraag je je af of het ooit de bedoeling is geweest om ze te exposeren. De onderwerpen, variërend van ledenpop tot ladadealer, nodigen wellicht uit tot meer studie naar de kunstenaar, maar leveren in deze context nauwelijks een bijdrage.

MK Expositieruimte, Witte de Withstraat 53, Rotterdam, wo – zo 13 – 18 uur, tot 20 juni